Hank en Kittekat

Mijlpaal


Woensdagochtend is het zover. Het peutertje dat haar carriere op de peuterspeelzaal begon als een obstinaat wezen, haar protesten uitend door dramatisch op de vloer te gaan liggen als er iets van haar verwacht werd, dit kind nadert de leeftijd van vier. En dat betekent wennen op school. Een echte, met grote ramen en heel, heel veel kinderen.

Ze begint al wat te dralen. Uitstel. Nee, die maillot niet. En dat rokje ook niet. Eigenlijk wil ze die mooie teenslippers aan, van oma Sacha.
‘Kiki, het is nog geen zomer. Teenslippers zijn te koud. Deze maillot dan maar?’ Ik probeer iets van innerlijke rust te bewaren. Nog een kwartier en dan worden we in de klas verwacht. Als die juf maar niet zo streng is. Straks mogen we niet meer naar binnen. Of krijgen we straf. Op de gang met jullie.
Kiki houdt de slippers nu stevig vast. Die blik in haar ogen. Ze draait zich om en loopt naar onze slaapkamer alwaar ze achter het bed gaat zitten. Ze wil niet meer naar school. ‘Ik wil echt niet, mama. Echt niet.’ Ze kijkt naar de slippers. Ik vraag of ze het misschien een beetje eng vindt. Ik krijg een ingeving en pak een schoenendoos, maatje 26. ‘Kijk eens, Kiek. Weet je nog die mooie rode sandaaltjes?’
Ze kijkt mij vragend aan. ‘Mag ik die..aan..?’
Ik knik: met een maillot. En ze rent met mij naar haar slaapkamer om kleren aan te doen.

Precies op tijd staan we voor het klaslokaal. Dit gaat haar nieuwe habitat worden, voor de eerste komende jaren. De juf ziet eruit als een echte. Met kort grijs haar. Ze oogt kordaat. We mogen naar binnen. We kijken rond en zien een piratenboot met een vlag en een papegaai.
‘Maar dat is geen echte, hoor.’ Een meisje met rossig haar kijkt nieuwsgierig naar Kiki. Andere meisjes komen erbij staan. Eentje plukt wat aan haar rok. Een andere zegt dat haar moeder ook zo’n spijkerbroek heeft. Dan wijst ze naar mijn bril: die heeft haar moeder ook. We lopen verder en kijken naar een jongen en een meisje die op een kleedje op de vloer houten latten uitstallen. De juf helpt mee. Het zijn een soort van rekenstokken. Ik ben helemaal niet bekend met Montessori, maar het voelt hier goed aan. De juf kijkt naar het meisje met de rode haren en naar Kiki. Dan zegt ze: ‘Nina, laat Kiki maar zien waar de w.c. is.’ Nina pakt de hand van Kiki en weg zijn ze. Ik wandel er achteraan.
Even later zitten we allemaal in een kring. De juf leest voor uit een boek Aadje Piraat. Aadje is bang. De juf vraagt wie er ook weleens bang is. Een paar vingers gaan de licht in. Kiki wil ook! Ze gaat bijna staan. De juf wijst Kiki aan. Ze zegt: voor een HAAI!

Ik groei zo groot als een reus, op mijn houten stoeltje. Mijn meisje.